dinsdag 25 oktober 2016

25 Oktober

In Alausi overnachtten we omdat we vandaag de trein nemen naar Nariz del Diablo (de neus van de duivel) Het speciale van deze treinrit is dat de trein op een korte afstand een groot hoogteverschil moet overwinnen, dit doet hij door een aantal speciale switchbacks waar de trein verschillende malen vooruit en terug achteruit gaat , dan wisselt van spoor en weer een stukje hoger waar hij weer vooruit en achteruit en weer wisselt van spoor enz... Het is een redelijk unieke constructie in een mooi Andes landschap. De aanleg van dit stukje spoorweg was echt een hele opgave. Een paar duizend werkmannen stierven bij de aanleg, ofwel door malaria of gele koorts ofwel door slecht georganiseerde dynamiet ontploffingen die nodig waren om de rotsen kapot te maken....
Na onze treinrit, om 11 uur werden we door een chauffeur naar Cuenca gebracht. Eerst 2,5 uur tot in Ingapirca, daar stopten we.
In Ingapirca zijn de enige Inca restanten van de verdwenen Inca beschaving te vinden. Belangrijkste restant is de zonnetempel. Deze lijkt heel hard op de tempel van Machu Pichu wat de constructie betreft, maar hij is heel anders gelegen, zowat midden in een bewoonde omgeving. Toch is het wel indrukwekkend hoe de Inca's omgingen met de zon, maan, seizoenen....
We hadden er een rondleiding en daarna ging onze rit verder naar het nog eens 1,5 uur verder gelegen Cuenca.
We hadden geen tijd gehad om te eten en/of te drinken, dus aangekomen in Cuenca was één van onze eerste dingen onze dorst gaan lessen in een cafeetje vlakbij het hotel.
We hebben de straatjes hier in de omgeving een klein beetje verkend, maar hebben de stad nog niet bezocht, dat is voor morgen.
Ons hotel is een oude posada die gerestaureerd is. Alles is oud maar authentiek en het hele gebouw heeft een speciale, mooie uitstraling.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten